Ds. Jurgen van den Herik (predikant SOW - Drachten)

De traan van God!

Er zijn weinig films zo door en door besproken als de film The Passion of the Christ. Een film van Mel Gibson die in die rolprent het bloed onder de nagels vandaan lijkt te halen van veel recensenten en predikanten en die vanaf de eerste van deze maand in ons land in vele bioscopen te zien is. Ook hier in Drachten.

Ik heb hem al geruime tijd terug gezien in een landelijke voorvertoning voor voorgangers. Ik moet zeggen: een zeer aangrijpende film. Ik zal niet zeggen: u moet er beslist heen gaan, zeker niet. Ik zal ook niet zeggen dat u dat vooral niet moet doen. Maar ik wil u wel waarschuwen: die film verandert je leven. Je blijft niet wie je was. "Nou nou, is dat niet een tikje pathetisch...?" Tja, wat zal ik daarvan zeggen? De film verandert je visie, je blik op Jezus Christus. Zo is het naar verluid tot nu toe velen vergaan. En eerlijk gezegd ook mij. Ik moet me dan ook sterk vergissen als het u niets zou doen.

Je ziet Jezus. En met name het einde van zijn leven. Als zijn laatste uren geslagen hebben. En je ziet dat hij van proces naar proces wordt gesleept. Van Annas naar Kajafas en van Kajafas naar het Sanhedrin, en naar Pilatus en van Pilatus naar Herodes en van Herodes nog een keer naar Pilatus.

En telkens wordt er een proces gevoerd om mogelijke schuld van Jezus aan te tonen.

Maar telkens wordt er geen enkele schuld in Hem aangetroffen. En dan uiteindelijk blijft er slechts één ding over echt maar één ding: er wordt gevraagd: "Zijt gij de zoon van God?" "Hij is God" is de conclusie, "dat zegt Hij namelijk en dat kunnen we niet hebben!" Als zodanig wordt hij namelijk veroordeeld.

En dan is de kogel goed door de kerk, zal ik maar zeggen, en zie je de soldaten van Pilatus Jezus slaan, en spugen, en trappen. Kapotmaken.

Door deze hele rechtsgang, al die processen die gevoerd zijn, al die juridische haarkloverijen, blijft alleen dit maar overeind in het verhaal: de enige beschuldiging die standhoudt omdat die blijkbaar wáár is, in het evangelie. Jezus is de Zoon van God. En om die reden is hij veroordeeld. En geen andere. Zo is hij aangesproken. Zo is hij uitgescholden, bespuugd, geslagen, gemarteld, vernederd. Doodgemaakt.

Dat is geen lijdensverheerlijking of heidense eerbied voor bloed en geweld, of zoiets. Nee, er is heel wat anders aan de hand. Met het bespotten en bespugen en tot bloedens toe martelen en het uiteindelijk doden van Jezus, is God zelf bespot, en bespuugd en gemarteld. En gedood. En niet zachtzinnig. Afschuwelijk. En dat is wat de film met je doet. De film brengt je in dezelfde beklemmende situatie als waarin het evangelie je brengt. Althans zo heb ik het gezien en dat is toch wat je moet doen in een bioscoop, nietwaar?

Het werd me duidelijk wat Tom Naastepad bedoelde, toen hij tijdens colleges aan de Theologische Universiteit in Kampen zei dat het radicale van het evangelie ons ontging, omdat we een veel te mooi beeld van Jezus hadden, en van God, en met name van het kruis. Een te mooi beeld van Jezus noemde Naastepad: blasfemisch. Na het zien van deze film begrijp ik hem des te meer. Misschien dat anderen er geen film als deze voor nodig hebben. Dat kan. Ook professor Smalhout heeft weleens gezegd, al jaren geleden, dat christenen Jezus liever zien als "een uit roze marsepein opgetrokken religieuze padvinder". Heel eigentijds en zonder verplichtingen.

Welnu, als de kapotgeslagen Jezus werkelijk God is, dan -en dat moet u toch met me eens zijn- zijn er voor ons maar drie opties: Eén: we vinden hem een dwaas, omdat hij zegt dat hij God is. Een zot. Iemand die voor God wil dóórgaan, zoals de gek in het dolhuis die zegt dat hij Napoleon is. Niet serieus te nemen.

Een tweede optie is: we vinden hem gevaarlijk. Want iemand die zich als God voordoet en zegt dat hij God is, probeert ons zó om de tuin te leiden dat we vroeg of laat onze portemonnee wel weer kwijt zullen wezen.

En de derde optie is een nogal ingrijpende. Jezus is werkelijk de Zoon van God! En ten overvloede: een vierde optie is er niet. Een vierde optie zou namelijk kunnen zijn: Jezus was géén god! Het evangelie heeft zich vergist. De bijbelschrijvers hebben het verkeerd gezien. Jezus was een gewoon mens, niet meer, niet minder. Een voorbeeld, een leraar, een morele leider. Máár: geen God. Een mens, zoals wij. Die mogelijkheid wordt nogal eens geopperd als een begaanbare weg om met het evangelie om te gaan zonder zelf al te veel te worden gestoord, of te worden verontrust. Want een leraar, of een goeroe, of een meester, daar kun je in alle vrijheid naar luisteren. Daarvan kun je de woorden wegen. En je kunt sommige dingen aannemen terwijl je andere dingen verwerpt. En je kunt alles op waarde schatten. Op jouw eigen waarde.

Maar, welbeschouwd, het evangelie laat die vierde optie helemaal niet open. Jezus is gedood. En met dat Jezus is gedood, gekruisigd, gekwetst, is God zelf gedood, gekruisigd, gekwetst. God wordt ten diepste gekwetst in wat mensen elkaar, meestal om religieuze redenen, aandoen. Dat is de enige weg die het evangelie toelaat.

En als je dat niet dwaas vind, de eerste optie; en er geen wantrouwen tegen hebt, omdat je dat gevaarlijke volksverlakkerij vindt, de tweede optie; dan kom je te zitten met een aanzienlijke vraag. De derde optie: Wat, in Godsnaam, heeft God ertoe bewogen om dit te laten gebeuren? Dit met Zich te laten gebeuren?

Als Jezus werkelijk God is, waarom heeft God dit er dan allemaal voor over? Wat is dat voor een God, die geen bloedige offers vraagt van mensen, maar die zichzelf geeft, zichzelf offert, voor de mensen, voor mij?

Wat heeft Hij met mij?

Ik bedoel niet: wat zullen we nu over Hem vastleggen, in dogmatische formules en belijdenisgeschriften. Nee: wat heeft Hij met mij?

We kennen het antwoord. Maar door deze film zou het antwoord zich vaster kunnen hechten aan de binnenkant van je hart dan ooit tevoren. Denk ik. Althans zo is het mij vergaan. "Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft". Dat is het enige bijbelse antwoord. God heeft dat voor de mensen over, omdat Hij hen liefheeft. Het is uit liefde. Uit liefde dat hij de mensen voor hun mens zijn níets laat betalen. De mensen niets laat betalen...

Nu denk ik, maar dat heeft u al wel gemerkt, dat de kerk het er niet bij moet laten zitten. Want ik vind dat de kerk het er te veel bij laat zitten. Er was nog een andere kerk uit Drachten vertegenwoordigd bij de landelijke voorvertoning. Ook de Bethel-gemeente was daar namelijk aanwezig, en die gemeente ontwikkelt een heel programma om deze film en met name de bioscoopbezoekers te begeleiden met bijbelse in zinvolle informatie. Heel goed lijkt mij.

Veel predikanten in ons land, collega's in mijn eigen kerk, doen de film namelijk bij voorbaat af en hebben The Passion of the Christ al bij het grof vuil gezet vóór ze hem zelfs maar gezien hebben. Dat vind ik toch ...zonde, als ik het zo zeggen mag. Afgezien van de vraag of je de film als film goed vindt of slecht. Een kerk die niet naar aanleiding van zo'n evenement in de samenleving het gesprek met die samenleving zoekt over de verzoening in Jezus Christus, die mist een levensgrote kans. Er zullen namelijk zoveel mensen naar deze film gaan kijken; zoveel mensen ook die misschien nauwelijks iets van het evangelie weten, terwijl dit verhaal wel allerlei vragen, moeilijke vragen, existentiële vragen, laat ik het maar eens deftig zeggen, bij hen kan oproepen en daar moeten we als kerk toch bij durven zijn? We moeten die mensen de kans durven geven om hun vragen onder woorden te brengen en we moeten er duidelijke en heldere antwoorden op formuleren. Sterker, iemand die niets van het evangelie of van Jezus Christus weet, zal het een onbegrijpelijke film vinden.

En niet zeggen zoals Nico ter Linden deed voor de televisie met zo'n strenge domineesgrimas: "Deugt niks van, theologisch niet, historisch niet, allemaal onzin". Mensen zijn immers emotionele wezens, geen theologen. En ik vind het geen goed vakmanschap als er straks tegen mensen wordt gezegd: Ja, dan had je maar niet naar de bioscoop moeten gaan, ik had je gewaarschuwd.

Nee, lieve mensen, weet u wat ik nou echt een mooie scène vind in de film? De filmcritici schrijven er niet over, vreemd genoeg, en ik heb al heel veel recensies gelezen en dat terwijl het vooral theologisch zo bijzonder is. Als Jezus sterft dan kraait de duivel het uit van plezier en je ziet Maria, de moeder van Jezus en je ziet haar hartverscheurende ontzetting -voor mij als rechtgesnaarde protestant een nieuwe ervaring- en dan, ja dan: welt er een traan op in je ooghoek. Als je tenminste niet van beton bent. Maar, heel bijzonder vind ik, dat gebeurt óók op het witte doek! Filmcritici hebben het niet opgemerkt, want die geven vaak liever af op een "God die bloed wil zien". Maar de film vertelt nu juist dat vooral mensen bloed willen zien. En als Jezus sterft, aan die bloeddorstigheid, aan de zonde der wereld, dan zie je ook daar op het witte doek een druppel in de hoek opwellen! En die zie je vervolgens, ploep, van grote hoogte naar beneden vallen, in de diepte. Door het wolkendek heen. En die druppel spat uiteen op de aarde. Een betekenisvol druppeltje temidden van een door mensen aangerichte duivelse heksenketel: de traan van God!

Dáár zou onze kerk nou hoognodig eens een dogmatisch boekje over open moeten doen! Over die traan van God...

 Jurgen van den Herik

Over Narnia



Copyright © thelife.nl /Agapè