C.S. Lewis was een Ierse schrijver en letterkundige. Hij werd vooral bekend
als schrijver van christelijke boeken, zowel fictie als verhandelingen.
Clive Staples Lewis werd op 29 november 1898 geboren in Belfast (Ierland). Gedurende
zijn jeugd las hij veel en samen met zijn drie jaar oudere broer Warren Hamilton,
"Warnie", schreef hij op jonge leeftijd al verschillende fantasieverhalen
met zelfgemaakte illustraties. Als kind vond hij zijn naam niet mooi en al gauw
noemde hij zichzelf "Jack". Warnie en de rest van Clive’s vrienden
hebben hem daarna altijd zo genoemd. Hij had een gelukkige jeugd totdat zijn
moeder stierf aan kanker. Een maand later moest hij naar een kostschool (Wynyard
School) in Engeland. Hij was toen tien jaar oud. In zijn autobiografie Surprised
by Joy (1955) schrijft hij over het liefdeloze en intellectueel afstompende
milieu op deze scholen.
Engelse taal- en letterkunde
In september 1914, toen de Eerste Wereldoorlog juist begonnen was, nam hij zijn
intrek bij een privéleraar, William T. Kirkpatrick. Hier had hij het
zeer goed naar zijn zin. Onder leiding van Kirkpatrick bereidde hij zich voor
op het vergelijkend examen waarmee hij 1916 een beurs voor de universiteit van
Oxford verwierf. Zijn studie aldaar begon met een lange onderbreking doordat
hij in militaire dienst ging. Dit deed hij vrijwillig; de dienstplicht gold
niet voor Ieren.
In Noord-Frankrijk, in de buurt van Arras, raakte hij in april 1918 gewond.
Omdat hij niet meer kon vechten, mocht hij naar huis. Na de oorlog hervatte
hij zijn studie in Oxford. Hij studeerde er cum laude af in de klassieke talen,
de klassieke filosofie en de Engelse taal- en letterkunde. Daarna doceerde hij
tot 1954 aan deze universiteit. In 1929 stierf zijn vader.